Ons zwembad, een bodemloze put of bron van genot?

Alhoewel het niet boven aan ons wensenlijstje stond toen we een huis zochten in Frankrijk, was het natuurlijk geweldig dat er een zwembad bij zat.

Bij de bezichtiging van het huis in oktober zag het er redelijk uit. Wel oud maar het water was helder.
6 maanden later, een winter en voorjaar verder.
Het is prachtig weer en we verheugen ons al op een eerste duik in het zwembad. We hebben geen benul.
We lopen naar het zwembad ... en schrikken ons een ongeluk: het water is groener dan groen, er drijft een hele familie muis in, inclusief neven en achternichten. En we kunnen niet zien wat er onder de groene drap nog meer aan verrassingen ligt.
We weten niks van zwembaden, dus hoe krijgen we dat ooit nog goed!

ons-zwembad-een-bodemloze-put-of-bron-van-genot
Onze vrienden W. & L. die ook een huis in de buurt hebben, komen ’s middags langs en zijn onze eerste gasten. Ze vinden het huis heel mooi en natuurlijk ook de omgeving. We nodigen ze trots uit voor een eerste glaasje bij het zwembad. Daar aangekomen krabt W. eens op zijn achterhoofd. “Daar krijg je nog een hele dobber aan”. Hij is een expert, want zij hebben ook een zwembad en dat is altijd kraakhelder. Een zwembad heeft een pomp en een filter en die zorgen er samen met chemicaliën – met name chloor – voor dat het zwembad schoon blijft. De pomp wordt aangezet. Geen fijn geluid, het lijkt wel een zaagmachine. Die van hun hoor je nooit.
Op naar het zandfilter. Dat staat onder het huis – hoger geplaatst dan de pomp. “Hier is duidelijk een amateur aan het werk geweest, dat hoort niet zo”.
Ja hoor, dit zwembad is natuurlijk het bekende “addertje onder het gras” waar ik zo bang voor ben geweest. En die leidingen, tja die zien er ook niet al te best uit. De liner – dat is de bekleding van het zwembad – vertoont ook duidelijk enkele gaatjes. Vandaar dat het water zo laag staat.
Ik begin wanhopig in te schatten wat het ons gaat kosten om ooit een duik in ons eigen zwembad te kunnen nemen. Ik wil het niet weten. Eerst een slok wijn, we gaan gewoon met onze rug naar die groene plas zitten.

Arie en W. wagen toch een poging om het water helder te krijgen. Ze kopen de benodigde chemicaliën en mikken het in het systeem. De pomp doet het uiteindelijk natuurlijk wel, ook al maakt ie heel veel lawaai. Arie schept muizenlijkjes uit het water en geeft ze een nieuwe rustplaats tussen de struiken. En verdomd, na een paar dagen zien we het donkergroen langzaam veranderen in bijna doorzichtig lichtgroen. Zou het dan toch meevallen?
E. die ons gras maait, heeft ook veel verstand van zwembaden en hij wil best ons zwembad bijhouden als wij er niet zijn. Terwijl wij hem trots het eerste resultaat van de opknapbeurt laten zien, schudt hij bedenkelijk zijn hoofd. “We krijgen ‘m wel helder, maar da’s maar tijdelijk. Die pomp houdt het geen 2 maanden meer vol en dat zandfilter moet verplaatst worden. En die liner, die kun je ook maar beter vervangen”.
Kortom: gewoon een nieuw zwembad dus!

Twee maanden later nemen we de eerste duik in ons eigen heldere zwembad. We hebben een kennis van W. een nieuw pomphuisje laten metselen, het zandfilter laten verplaatsen, een nieuwe pomp gekocht en wat leidingen laten vernieuwen. Het vloertje om het zwembad heeft een nieuwe bovenlaag gekregen. We hebben zèlf de gaatjes in de liner geplakt. Resultaat: ons nieuwe oude zwembad mag er zijn.

E. kan er mee leven, maar zegt elke keer als we er zijn dat de liner elk moment vervangen moet worden. Hij heeft gelijk, maar zolang wij erg veel plezier beleven aan het gaatjes plakken – daarover een andere keer misschien meer – vinden wij het wel best zo!

_______________
6 oktober 2002