De
seizoenen
Een van de redenen om een huis in Frankrijk te kopen was
natuurlijk de grotere kans op mooi weer. De lente en de
zomer zijn dan ook mijn favoriete seizoenen. De lente voor
het ontwaken van de natuur, het nieuwe frisse groen en de
dagen die weer langer worden. De zomer voor het zwoele
warme weer en de heerlijke lange avonden buiten op het
terras.
Maar sinds wij ons huis op het platteland hebben, ben ik de
andere twee seizoenen steeds meer gaan waarderen. Ook die
hebben van alles te bieden, waar ik vroeger geen oog voor
had.
We zijn er nu bijna
elke maand van het jaar geweest, met uitzondering van
februari en begin maart. Sinds een paar jaar kijk ik nu
zelfs uit naar een verblijf in januari. Ja , de bomen zijn
kaal, maar daardoor is het uitzicht nog uitgestrekter dan
in de zomer. Een zonnige dag geeft onwaarschijnlijk mooi
licht en als de temperatuur een beetje aangenaam is, wil je
niets liever dan buiten zijn voor een wandeling of een
klusje dat toch gedaan moet worden.
De herfst maakte me
altijd een beetje melancholiek, want ik associeerde het met
het afsterven van de natuur, de start van een paar saaie
donkere maanden.
Maar ook dat seizoen
heeft me weten te bekoren. De temperaturen vallen vaak heel
erg mee. De herfst zet de natuur in een prachtig
kleurenpalet en geeft bovendien heel veel heerlijkheden die
je zomaar kunt eten.
Na een zomer hard
werken zijn we in september weer terug in ons kleine
paradijs. De zomer is prachtig geweest, maar wel heel erg
droog. Het is dan ook een kleine tegenvaller als er de
eerst dagen van ons verblijf een paar fikse regenbuien naar
beneden vallen. Gelukkig hoofdzakelijk ’s nachts, maar
toch.
Fijn voor de boeren.
Maar wat blijkt ook voor ons. Na een paar dagen duikt de
zon weer op en binnen de kortste keren staat het weiland
vol met paddestoelen. Meteen pak ik ons grote dikke
paddestoelenboek erbij en probeer er achter te komen welke
het zijn, maar vooral of ze eetbaar zijn.
Ik
schreef vorig jaar al over de vele paddestoelen die we in
oktober vonden en met behulp van een expert hebben bekeken
op eetbaarheid.
Na lang bestuderen
van de exemplaren en vergelijken in het boek, ben ik ervan
overtuigd dat het een zeer eetbare soort is. Zelfs de beste
die je kunt vinden.
Weidechampignons. In het boek aangeduid met 3 bestekjes,
wat wil zeggen: ETEN!!!! en wel meteen!
Maar omdat we
natuurlijk nog steeds leken zijn op dit gebied en Arie wat
verstandiger is dan ik, besluit ik de braadpan nog niet op
het vuur te zetten, maar ze te laten checken door B. die
ons vorig jaar ook al het een en ander heeft uitgelegd.
Toevallig komt T. langs en hij neemt een paar
proefexemplaren mee om ze aan B. te laten
zien.
Niet veel later gaat
de telefoon. “Nou je kunt de buit binnenhalen hoor, B.
wilde meteen weten waar ik ze gevonden had, want hij vond
ze geweldig vooral de bruine variant”. Maar dat geheim
geven we natuurlijk niet prijs, want dat doet niemand. Zo’n
vindplaats houd je natuurlijk voor
jezelf.
Ik wil natuurlijk
meteen gaan oogsten, maar op advies van mijn verstandige
echtgenoot proberen we er eerst een paar. Ze zijn werkelijk
verrukkelijk, je proeft de natuur en een heerlijke kruidige
bosachtige geur vult de keuken, wanneer ze zachtjes in de
roomboter liggen te sudderen. Gelukkig voelen we ons na een
paar uur nog prima en als we de volgende dag kiplekker
ontwaken, is wat mij betreft het hek van de
dam.
Gebakken champignons
op toast voor de lunch. Champignonroomsaus over de
eendenborst. Romige paddestoelensoep de volgende dag,
champignonragout in bladerdeeg, etc.
Een culinair genot.
En dat is pas het begin want het eekhoorntjesbrood, de
cantharellen en de tamme kastanjes moeten nog
komen.
Allemaal gratis
geschonken door het prachtige seizoen: De Herfst.
_______________
16 oktober 2005
