Waren jullie er toen het zo ontzettend heet was?” En hoewel ik heel erg goed tegen de warmte kan en vaak zeg dat het me niet warm genoeg kan zijn, zeg ik toch enigszins opgelucht “Nee, gelukkig niet”.
Maar dat is niet helemaal waar. We zijn er praktisch de hele maand juni en ook dan geeft de thermometer enkele dagen boven de veertig graden aan.
Het meestal verkoelende plekje op de veranda voldoet niet meer. Achter de neergelaten bamboegordijnen op het andere terras is het – als het waait – nog wel uit te houden. Het zwembad is een onmisbare vriend geworden.
De halfuurlijkse afkoeling wordt als goddelijk ervaren. Hoe hebben we ooit kunnen denken dat een zwembad niet nodig is in dit deel van Frankrijk. Natuurlijk kun je zonder, maar bij deze temperaturen zouden we ‘m voor geen prijs willen missen.

Gelukkig zijn onze
vakanties ook echt om te ontspannen en verplichten we
onszelf niet tot allerlei klussen die gedaan moeten worden.
Dus we volgen dan ook het advies van de Fransen bij dit
weer. Je rustig houden en niks doen. Af en toe naar een
borrel en er zelf een organiseren in de schaduw is zo
ongeveer de grootste inspanning. Plannen om steden en leuke
plaatsen wat verder weg te bezoeken stellen we maar uit tot
een andere keer.
Uiteindelijk vinden
we een plek waar het ‘t best uit te houden is. Ook bij 40
graden.
Onder de bomen! De
stoelen en het ligbed krijgen daar hun vaste plek. Een
lekker briesje geeft precies de afkoeling die we nodig
hebben.
En dan besef ik
opeens dat we met alle in de loop der jaren aangeschafte
spullen iets heel belangrijks zijn vergeten. Ik schrijf het
meteen op de lijst ‘nog aanschaffen’ zodat ik het niet kan
vergeten als we weer in Nederland zijn.
Natuurlijk vergeet
ik het weer en tegen de tijd dat we weer gaan, denk ik er
opeens aan. Veel te laat natuurlijk. Stad en land loop ik
af. “Nee mevrouw het is een seizoensproduct en ze zijn
allemaal uitverkocht, u zult moeten wachten tot volgend
voorjaar”. Uiteindelijk vind ik er toch nog twee, niet
helemaal wat ik in mijn hoofd heb, maar ze zijn goed
genoeg.
Zodra we aankomen
krijgen ze hun plek. De grote witte is natuurlijk voor mij
en de wat kleinere gestreepte is voor Arie. Hij vond het
tenslotte overdreven dat ik ze wilde hebben en al helemaal
dat het er twee moesten zijn. Maar ik wist wel beter. Dit
zou het ultieme genieten worden. Iets beters is er gewoon
niet. Dat weten alle mensen die in hele warme landen wonen.
De tuinstoelen en ligbedden hebben we niet meer
nodig.
“Daar gaat ie”. De
rode bal raakt met zijn onderkant de rand van de
heuvels.
Een stuk meer naar
links dan een paar maanden geleden. Het is dan ook al weer
wat verder in het jaar en daardoor zakt de zon eerder
achter de heuvels.Vanuit onze 2
hangmatten genieten we van dit heerlijke schouwspel,
waarvan we in de toekomst nog vaak herhalingen kunnen
verwachten. We zijn er niet uit te slaan, uit deze
ongekende luxe. Onze eigen hangplek onder de bomen.
_______________
19 oktober 2003
