Buitengewoon

“Gek eigenlijk dat we dit plekje nooit gebruiken. Het heeft alles om een ideaal verblijf te zijn op een warme zomerdag en wij gebruiken het alleen als opslag van hout, tuinkussens en wat al niet meer. De zonsondergang is vanaf hier prachtig en onder de pannen is het een heerlijke plek als de zon te enthousiast naar beneden straalt”.

Met ons prachtige huis moet het stadium van tevredenheid natuurlijk allang bereikt zijn en dat is ook zo. Maar een mens wil altijd meer. Een zeer ambivalent gevoel, waar ik eigenlijk een hekel aan heb. Tevreden zijn met wat je hebt en toch dat kleine stiekeme nieuwe wensje dat om de hoek gluurt.

Het begon vorig jaar aan het eind van de zomer. We hadden enkele vrienden te eten en zaten heerlijk buiten onder het afdak waar het normaal zo’n bende is. Natuurlijk werd er ’s middags snel opgeruimd om er een gezellige eetplek van te maken, want het leek me zo prachtig om de zon onder te zien gaan terwijl wij aan het genieten waren van het eten op de barbecue en de heerlijke koele rosé.
Nou is de keuken in ons huis niet op de begane grond, maar zoals bij alle traditionele huizen in de omgeving, op de eerste verdieping.
De plek waar we zaten was inderdaad idyllisch ideaal, de zon ging mooier onder dan anders en iedereen genoot. Behalve de gastvrouw dan, ik dus, want ik liep de benen onder m’n lijf vandaan.
OK, de enige gunstige bijkomstigheid was dat ik geen gram aankwam, maar constant heen en weer rennen, om dan weer dit of dan weer dat uit de keuken te halen, begon me toch behoorlijk te irriteren. Ik rende me niet alleen helemaal suf, maar ik was ook zo ongeveer de helft van het etentje niet aanwezig.
In een warm land kun je nu eenmaal geen etenswaren lang buiten de koelkast hebben, dus ik was meer boven in de keuken dan bij de gasten.

Dat moest anders, maar hoe? De oplossing liet niet lang op zich wachten.



Ik check in gedachte de basisfaciliteiten die we minimaal nodig hebben, water en elektra en confronteer Arie met het idee. Meestal remt hij mijn over-enthousiaste hersenspinsels meteen af, maar nu is ie het helemaal met me eens. Ook hij vindt het een heel goed plannetje.
We vragen een goede vriend van ons om het klusje te doen, althans het grove werk en het bouwen van de muurtjes.
Ik laat me meteen inspireren door de vele bladen die ik lees en al gauw is er een simpele maar doeltreffende opzet gemaakt. M. kan er goed mee uit de voeten en begint in het voorjaar met de basiswerkzaamheden.
Natuurlijk moet alles er net zo traditioneel uitzien als het huis, dus de bouwmaterialen mogen niet te nieuw zijn.

Oude stenen die we rondom het huis vinden worden hergebruikt en ik vind een prachtige stenen bak bij ons vaste oude bouwmaterialen-adresje. Hoe de afvoer daarop moet aansluiten is van latere zorg.
Water en elektra worden via de schuur aangebracht. Er komt een nieuwe afvoer en al snel neemt mijn idee exact de vorm aan die ik in mijn hoofd heb.
Het afvoerprobleem wordt door Arie briljant opgelost, de kleur van de voegen en het beton zijn precies zoals ik het heb bedacht, een kleine boiler geeft heerlijk warm water en we vinden een koelkast met de juiste maten. Zelfs hele onhandige maar wel hele leuke steuntjes van een rommelmarkt worden perfect door mijn eigen handyman geplaatst.


Het is toch weer gebeurd en wat erger is: ik heb er weer aan toegegeven.
Spijt? Neeee, helemaal niet want wat is er nou mooier om de zon onder te zien gaan, terwijl je een lekker stukje vlees omdraait en ondertussen een slok uit je glas kunt nemen samen met je vrienden, die maar één meter van je vandaan zitten.

Sinds deze zomer genieten onze gasten, maar ook de gastvrouw, van een buitengewoon handige cuisine d’été. Een traditionele zomerkeuken, maar wel voorzien van al het moderne comfort, want we leven tenslotte niet meer in de vorige eeuw.
Geen wensen meer? Vast wel, maar nu even niet!

_______________
3 juli 2005